Je leven is voorbij eens je kinderen hebt. Het is een vaak gehoorde uitspraak die ik tot pakweg drie maanden geleden niet wilde geloven. Stilaan (na drie maanden ouderschap) blijkt er toch iets van aan. Iets ja, zoiets als: je eigen leven is voorbij, dat van jij met je partner, maar gelukkig niet het leven. Met een kind, nu dus, is het leven anders dan voordien. Voor de ene voelt het mogelijk als overleven, voor de andere eenvoudigweg als leven met een baby. Je krijgt een nieuw leven met dat nieuwe leven in huis, zeg maar.
Een baby krijgen verandert je leven ingrijpend, oppervlakkig evenzeer. Dat laatste uit zich in praktische zaken die minder evident zijn dan in het pre-babytijdperk. Zo wordt de handtas haast bijzaak. Piekeren over welk exemplaar uit de kast te halen hoort er niet meer bij. Zelfs niet voor een bagaholic als ik. Er is gewoon geen tijd voor. De babytas, daar hou ik me nu mee bezig voor ik de deur uitga. Luiers mee? Voldoende flesjes en melkpoeder op zak om de tijd van huis te overleven? Reserveoutfitje in de sjakos? Enz. Schiet er nog een minuut of twee over dan switch ik wel nog snel van handtas.
Je bezigheden veranderen ook met een baby erbij. Buitenshuis bijvoorbeeld is dat nu vooral huishoudelijke inkopen doen. Pre-baby was het de hatelijkste bezigheid, beperkte ik de boodschaptijd tot een minimum. Nu is het zowat een uitstap geworden, dat soort winkelen. Iedere reden is immers goed om de deur uit te gaan. Een omweggetje, als het (Belgische) zomerweer het toelaat, houdt het leven van een kersverse moeder iet of wat interessant. Passages langs het park, drukke winkelstraten of zijstraatjes die van de hoofdweg afwijken om huisje en mensje te kijken: een mens ontdekt zo al eens nieuwe dingen in de buurt en leert die ook meer appreciëren. Je stuit op verborgen parels die voordien aan je oog ontsnapten.
Dan is er slaap met een baby. En het gebrek daaraan. Zeven uur nachtrust en uitslapen in het weekend zijn niet langer prioritair. Dat de baby maar goed slaapt en eet, geen te natte (stinkende) luier draagt en niet hysterisch huilt, daar houden we ons nu 24/24, 7/7 mee bezig. Opstaan midden in de nacht en een uur uitrekken om dat kleine wezentje 100 ml pap door de strot te duwen, vervolgens te laten boeren en diens (stinkende) luier te verversen: je doet het gewoon. Alsof je nooit anders gedaan hebt.
Uiteraard moet het slaaptekort gecompenseerd worden. Dutten met de baby is een optie, black magic een andere. Ik koos voor de laatste. Overdag dutten zit namelijk niet in mijn natuur en dus begin ik de dag opnieuw met een cafeïneshot. (Na een paar jaar koffievrij leven ging ik back to black.) Lichte verslavingsverschijnselen steken de kop op, maar ach: alles voor de baby. Ik verwaarloos mezelf trouwens nog niet helemaal. Als manlief ’s ochtends de deur uitgaat zwaaien onze dochter en ik hem meestal gedoucht en gekapt uit. Het ontbijt slaag ik niet over en lunchen gebeurt, weliswaar meestal met een jengelende baby bengelend op de arm (onvoorstelbaar hoe vaak die baby eten moet net als je dat zelf wil doen). Neen … armen krijg je er niet bij als je bevalt. Jammer, want hoewel ik een multitasker ben (sinds ik moeder ben overigens meer dan ooit tevoren) slaag ik er voorlopig nog niet in om de baby en mezelf tegelijkertijd te voeden.
P.S. Pictures on Instagram.
No comments:
Post a Comment